ExPEERience Talk #12 – Pre-trial detention in Uganda: Learnings from a study on knowledge, attitudes and practices

  • When? Thursday February, 15 2024 – 12pm (Bangui, Brussels, Kinshasa, Niamey, Rabat, Tunis) / 2pm (Dodoma, Nairobi, Kampala)
  • Langage: English
  • Free online event – Registration required

During this ExPEERience Talk #12, ASF’s team in Uganda will present the resutlts of a soon-to-be-published report on knowledge, attitudes and practices about pre-trial detention in Uganda.

Uganda has an elaborate legal framework regulating pre-trial detention, which includes detailed provisions regarding procedural and constitutional rights. Compliance with these provisions, however, continues to be a challenge: many persons going through the criminal justice system suffer violations of their human rights. These include arbitrary or illegal arrests, overstaying in police custody, the lack of access to police bond, or violations of the right to mandatory bail. The most vulnerable and indigent are those who suffer most from the lack of compliance with procedural and constitutional rights.

The report explores the knowledge, attitudes and practices of users of the criminal justice system, namely communities and pre-trial detainees, along with the perspectives of duty bearers, thereby shedding light on the root causes of violations of procedural and constitutional rights. With this evidence base, the report provides recommendations for action and positive reforms in the area of pre-trial detention.

Join us on February 15 to discuss how we can work together to improve the respect of fundamental rights in detention.

Related publications

Report – Protecting constitutional and procedural rights of pre-trial detainees through access to justice in Uganda

Bail in Uganda: A right or a privilege?

Ter verdediging van de verdedigers: advocaten en het repressieapparaat

Gerechtelijke vervolging, intimidatie, vrijheidsberoving en soms zelfs directe schending van de fysieke integriteit. Overal ter wereld worden advocaten die zich inzetten voor de mensenrechten, de civil society of kwetsbare bevolkingsgroepen geconfronteerd met bedreigingen en agressie, enkel en alleen omdat ze hun beroep uitoefenen.

Tot die trieste vaststelling komen wij en onze partners overal waar we actief zijn. Onze teams melden herhaaldelijk en in toenemende mate aanvallen op advocaten en, meer in het algemeen, verdedigers van de mensenrechten, in een wereldwijde context waarin de rechtsstaat wordt uitgehold, de burgerlijke vrijheden worden ingeperkt en de uitvoerende macht de wetgevende en gerechtelijke macht overvleugelt.

De gevaren voor advocaten bij aftakeling van de rechtsstaat

In de contexten waarin AdZG werkt, krijgen advocaten te maken met meerdere bedreigingen:

  • Enerzijds pesterijen, dreigementen en intimidatie of, in zeldzamere gevallen, directe schending van de fysieke integriteit door vertegenwoordigers van de autoriteiten of actoren die beweren deel uit te maken van de civiele maatschappij maar vaak zeer dicht bij de macht staan.
  • Anderzijds worden advocaten het slachtoffer van gerechtelijke vervolging en vrijheidsberoving:
    • Bij hun professionele activiteiten. Er wordt een beroep gedaan op vrijheidsbeperkende wetgeving of de immuniteit die advocaten horen te genieten wordt opgeheven. Smaad, laster of vergoelijking van terrorisme zijn de argumenten die het vaakst worden ingeroepen om vervolging te verantwoorden.
    • In hun privéleven. Advocaten worden vervolgd voor feiten die niets te maken hebben met hun beroep.

Deze repressieve tactieken worden ingezet door de gezagdragers als zij het gevoel hebben dat hun belangen in het gedrang zijn.

Advocaten zijn het vaakst het doelwit van deze aanvallen als ze:

  • De verdediging voeren van leden van de civil society, politieke opposanten en personen in kwetsbare situaties – allen mensen die zelf ook al het vaakst slachtoffer zijn van repressie door de staat.
  • Repressieve en willekeurige praktijken van staatsfunctionarissen aanklagen.
  • Hervormingen die de rechtsstaat bedreigen aan de kaak stellen.

Het doel van de autoriteiten is om de verdediging te beletten haar rol te spelen in de ondersteuning van de civil society tegenover de uitvoerende macht, en om degenen die het wagen hun praktijken in vraag te stellen te ontmoedigen en te isoleren.

De talrijke voorbeelden die deze tendens zeer concreet illustreren stemmen AdZG bijzonder somber.

In Tunesië werd meester Ayachi Hammani vervolgd voor zijn kritiek op de minister van Justitie na het willekeurige ontslag van meer dan vijftig rechters.

Eveneens in Tunesië werden meester Hayet Jazzar en meester Ayoub Ghedamsi vervolgd nadat ze hadden gepleit namens een slachtoffer van foltering door politieagenten.

Meester Manguareka werd in 2022 geïntimideerd nadat hij de belangen van een tegenstander van het regime had verdedigd in een rechtzaak in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Daar worden alle advocaten en hun balies als vijanden van de vrede bestempeld door groeperingen die dicht bij de macht aanleunen.

In Oeganda werd Nicholas Opiyo, advocaat gespecialiseerd in mensenrechten, samen met andere advocaten aangehouden en meerdere weken vastgehouden. Aanvankelijk werd hij zonder aanklacht gearresteerd, later werd hij vervolgd voor witwaspraktijken.

In Burundi werden vijf leden van partnerorganisaties aangehouden en gedurende vier maanden opgesloten, voornamelijk omdat ze samenwerkten met Advocaten Zonder Grenzen.

En zo zouden we helaas nog veel meer voorbeelden kunnen aanhalen.

Het is belangrijk om erop te wijzen dat al deze gevallen van elkaar verschillen en plaatsvinden in een specifieke context.

Maar in al deze landen gaat de toename van repressie tegen advocaten en mensenrechtenactivisten in het algemeen hand in hand met inperking van de burgerlijke vrijheden, die we overal waar we werken moeten constateren.

Wat ons hierbij belangrijk lijkt om te vermelden:

  • De toenemende vervolging van advocaten gaat samen met toegenomen repressie tegenover andere klokkenluiders en mensenrechtenverdedigers, of ze nu als professional dan wel als burger handelen.
  • Deze inperking van de burgerlijke vrijheden is het logische gevolg van de opmars van het populisme en het ter discussie stellen van de principes van de rechtsstaat die daarmee gepaard gaat.

Over het algemeen maakt deze inperking van de burgerlijke vrijheden de wildgroei van de uitvoerende macht tot regel, en dat ten nadele van de wetgevende en rechterlijke macht. Die verschuiving in de richting van meer autoritaire regimes wordt vaak versneld door de noodtoestand uit te roepen, een staat van beleg af te kondigen of een andere uitzonderingstoestand in te stellen, technieken die vaak worden gebruikt door het zittende regime om zogenaamd tijdelijke vrijheidsbeperkende maatregelen in te stellen op de lange termijn. Dit kan ook op abruptere wijze gebeuren bij een staatsgreep zoals recent het geval was in Tunesië of de Sahel.

In de landen waar AdZG actief is, implementeert de organisatie programma’s ter verdediging van de mensenrechten in samenwerking met de civiele samenleving en de balies.

AdZG en de lokale partners passen met name de volgende strategieën toe om advocaten en mensenrechtenactivisten bij te staan:

  • De oprichting van collectieven van advocaten en mensenrechtenactivisten zodat ze gezamenlijk hun rechten kunnen laten gelden en snel kunnen reageren bij bedreigingen.
  • De verdediging van advocaten als ze worden vervolgd of van hun vrijheid beroofd. Bij vervolging of vrijheidsberoving ondersteunt AdZG de verdediging van advocaten, met name door international actoren te mobiliseren en aan te sporen tot actie.
  • Het opvolgen van mensenrechtenschendingen en bedreigingen aan het adres van de burgerlijke samenleving en mensenrechtenverdedigers, onder andere advocaten. Op basis van deze monitoring ontwikkelt AdZG strategieën om te pleiten voor burgerlijke vrijheden en de verdediging van verdedigers van de mensenrechten; activisten en advocaten.

(Engels) Toegang tot rechtsmiddelen voor mensenrechtenschendingen in Oost-Afrika:Lessen uit het perspectief van maatschappelijke organisaties tijdens de Oost-Afrikaanse conferentie over bedrijfsleven en mensenrechten

(Frans) Toegang tot rechtsmiddelen voor mensenrechtenschendingen in Oost-Afrika:Lessen uit het perspectief van maatschappelijke organisaties tijdens de Oost-Afrikaanse conferentie over bedrijfsleven en mensenrechten

Nationale dialoog over het waarborgen van procedurele en grondwettelijke rechten voor gedetineerden in voorlopige hechtenis in Oeganda: Stilstaan bij de uitdagingen en de kansen

  • Wanneer? Donderdag 26 Oktober 2023
  • Waar? Kampala
  • Het evenement wordt georganiseerd in samenwerking met de Uganda Human Rights Commission
  • Alleen op uitnodiging
  • Online uitzending van het evenement

Deze dialoog brengt actoren samen van de Oegandese politie, het Oegandese gevangeniswezen, de rechterlijke macht, het kantoor van de directeur voor openbare aanklachten, het parlement, de leden van het maatschappelijk middenveld, de academische wereld, de ontwikkelingspartners, de pleitbezorgers van projecten en de paralegals.

Dit zal een uitstekende gelegenheid zijn om de uitdagingen aan te pakken die van invloed zijn op de handhaving van procedurele rechten in de uitvoering van het strafrecht in Oeganda en om hervormingen voor te stellen die de lacunes aanpakken.

Het evenement maakt deel uit van het project “Protecting procedural and constitutional rights through access to justice”, dat van 2020 tot 2023 werd uitgevoerd door ASF en haar partner LASPNET (Legal Aid Service Provider Network) in de districten Gulu, Masindi, Hoima, Lamwo, Kampala en Wakiso.

In Oeganda, zoals in heel wat landen, worden de rechten van gedetineerden in voorlopige hechtenis nog steeds geschonden. Sinds de start van het project hebben advocaten en paralegals meer dan 10.000 gedetineerden bereikt van wie de procedurele rechten werden geschonden in de projectdistricten, en aan meer dan 2.000 gedetineerden procedurele oplossingen geboden. Opmerkelijk bij deze schendingen is de detentie van verdachten gedurende meer dan 48 uur en een langere voorlopige hechtenis voor zowel grote, als kleine vergrijpen. Hierdoor wordt hun grondwettelijke recht op vrijlating tegen borgtocht geschonden, evenals hun recht op een eerlijk en snel proces. Twee studies uitgevoerd door ASF, het ‘Baseline report on the social economic profile of detainees’ en het ‘Knowledge, Attitude and Practices report’, stelden vast dat het langer in voorlopige hechtenis verblijven voor zowel grote, als kleine vergrijpen, te wijten is aan de slechte benadering van voorlopige hechtenis door overheidsactoren.

Het project wil bijdragen tot een betere toepassing van procedurele en grondwettelijke rechten bij de uitvoering van het strafrecht om de naleving van de mensenrechten en de rechtsstaat in Oeganda te versterken. Hierbij werd er gekozen voor een holistische benadering, die verder gaat dan het aanpakken van detentieproblemen in de rechtsbedeling in Oeganda en die toewerkt naar een grotere betrokkenheid van centrale instellingen bij beleidshervormingen in Oeganda.

Registreer om online te volgen

Oost-Afrika – Bescherming van de burgerlijke ruimte: via Procesvoering in het Algemeen Belang

In 2022 lanceerde het Oost-Afrikaanse kantoor van ASF een project dat drie landen in de regio bestrijkt: Burundi, Tanzania en Oeganda. Het doel van het project is bij te dragen tot de bevordering van de rechtsstaat door het begrijpen en gebruiken van regionale mensenrechteninstellingen, -mechanismen en -instrumenten door plaatselijke middenveldorganisaties.

In de praktijk richt het project zich op het bevorderen van het gebruik van procesvoering in het algemeen belang als een instrument om invloed uit te oefenen, om positieve hervormingen teweeg te brengen op het vlak van de burgerlijke ruimte en vrijheden. In haar interventielanden heeft ASF bestaande en aankomende gedingen geïdentificeerd die geleid worden door middenveldorganisaties. Via het project wordt financiële en technische steun verleend aan deze gedingen, samen met een strategische reflectie over hoe hun bereik kan worden vergroot door middel van pleitbezorging en externe engagementen. Een belangrijk aspect van het project, gezien de regionale aard ervan, is ook het ondersteunen van zaken die regionale mechanismen mobiliseren zoals het Oost-Afrikaanse Hof van Justitie of het Afrikaanse Hof voor Mensen- en Volkerenrechten (ACHPR).

Met de steun van de Pan African Lawyers’ Union, werkt ASF aan juridische voorstellen voor de ACHPR over het recht op vereniging, die een dozijn Afrikaanse staten bestrijken. Onze waarnemingen en juridische analyses brachten ons tot de overtuiging dat de praktijken en wetten die van toepassing zijn op NGO’s in heel wat Afrikaanse staten in strijd zijn met de vrijheid van vereniging. Deze voorstellen zijn gericht op het handhaven van fundamentele burgerlijke vrijheden en het opleggen van een positieve verplichting aan de staten om de geldende wetten te hervormen en een einde te maken aan praktijken die het recht op vereniging schenden. 

ASF biedt ook financiële en technische ondersteuning voor een grondwettelijke petitie die door middenveldorganisaties, waaronder Chapter Four, is ingediend bij het Oegandese Grondwettelijk Hof om de grondwettelijkheid aan te vechten van de wet op computermisbruik, die in oktober 2022 werd gestemd. Hoewel dit controversiële stuk wetgeving door de regering is geprezen als een noodzakelijke bescherming van de privacy in het digitale tijdperk, wordt het door veel lokale middenveldorganisaties gezien als een schending van de vrijheid van meningsuiting en de persvrijheid.

(Engels) Verslag Justice ExPEERience 2021-2023

(Frans) Verslag Justice ExPEERience 2021-2023

Het regionale kantoor van AdZG in Oost-Afrika

Dit artikel komt uit het jaarverslag 2022 van AdZG.

De laatste jaren koos ASF geleidelijk aan voor een meer doorgedreven regionale aanpak voor haar activiteiten in Oost-Afrika. In 2021 werd een regionaal kantoor opgericht dat momenteel drie medewerkers telt, naast de regionale directeur en de respectievelijke landendirecteur voor Oeganda en de programmacoördinatoren voor Kenia en Tanzania.

De verschillende landen in Oost-Afrika delen historische, economische, politieke, sociale en culturele banden en werken steeds nauwer met elkaar samen. Hierdoor kunnen thema’s die ASF aanbelangen, zoals het beheer van natuurlijke rijkdommen, detentie of veiligheid en vrijheid, over verschillende landen heen van toepassing zijn. De lessen die worden getrokken uit de uitvoering van programma’s in het ene land kunnen dus van groot belang zijn voor de uitwerking van onze acties in andere contexten.

Sinds de oprichting was een belangrijke rol van het regionale kantoor het strategisch verzamelen en herverdelen van kennis over alle programma’s heen. Hierdoor konden synergieën worden ontwikkeld, terwijl er ook ruimte bleef voor de contextualisering van elke interventie.

Daarnaast heeft de opzet van nieuwe rollen gewijd aan specifieke technische functies binnen het regionale team aan ASF de mogelijkheid geboden om de methodologische ondersteuning van de verschillende landenteams te verbeteren op het vlak van onderzoek, monitoring en evaluatie, strategische procesvoering en pleitbezorging.

Een belangrijke prioriteit voor het regionale kantoor is ook het identificeren van mogelijkheden voor verdere ontwikkeling op regionaal niveau, onder meer door het opstellen van projecten met verschillende landen en regionale projecten. In maart 2022 lanceerde ASF een tweejarig project, gefinancierd door de Belgische Ontwikkelingssamenwerking – DGD, getiteld ‘Protecting Civic Space: a Public Interest Litigation Approach’. Het project bestrijkt drie landen in de regio en wil bijdragen tot de bevordering van de rechtsstaat in Oost-Afrika door het maatschappelijk middenveld te mobiliseren rond regionale instellingen, mechanismen en instrumenten actief op het vlak van mensenrechten.

In de toekomst wil het regionale kantoor ook de aanwezigheid van ASF op regionaal niveau in Oost-Afrika blijven versterken. Of het nu gaat om pleitbezorging, strategische geschillenbeslechting of andere engagementen met externe stakeholders, de inspanningen zullen in 2023 worden voortgezet om ervoor te zorgen dat het werk van ASF zichtbaar is en een impact heeft in de regio.

Borgtocht in Oeganda: een recht of een voorrecht?

Dit artikel komt uit het jaarverslag 2022 van AdZG.

Borgtocht is in toenemende mate een controversieel onderwerp geworden, niet alleen in Oeganda maar ook wereldwijd. In de publieke en politieke arena vinden er volop juridische en maatschappelijke debatten plaats over de juiste afweging tussen openbare veiligheid en het recht op persoonlijke vrijheid. Deze debatten stonden in het middelpunt van de aandacht in Oeganda toen velen opriepen om een hervorming van het wetgevende kader dat de toegang tot borgtocht regelt en nu er in die zin inspanningen worden geleverd.

Wetgevers, leden van middenveldorganisaties, leden van de rechterlijke macht en andere actoren hebben veel verschillende en soms tegenstrijdige bezorgdheden geuit over de huidige manier van aanvragen en toekennen van borgtocht in Oeganda.

De president heeft openlijk geprotesteerd tegen sommige beslissingen van rechtbanken om moordverdachten op borgtocht vrij te laten, met het argument dat dit neerkomt op het provoceren van het publiek, en de toename van zware vergrijpen heeft ertoe geleid dat sommigen pleiten voor strengere voorwaarden bij het toekennen van borgtocht. Exorbitante boetes en onbetaalbare borgtochten in contanten die door rechtbanken worden opgelegd aan aanvragers van borgtocht, worden aangevoerd als discriminerend omdat alleen de rijken zich dit kunnen veroorloven. Verder heerst er bezorgdheid over de inconsistente uitoefening van de rechterlijke bevoegdheden bij het overwegen van borgtocht.

Een ander aspect betreft dan weer de kosten van de borgtocht voor de gemeenschap. Mensen in hechtenis nemen en houden komt met een prijskaartje, bovendien kunnen gedetineerden hun familie niet onderhouden en niet bijdragen tot de economie. De totale kosten voor het vasthouden van een gedetineerde in Oeganda bedragen voor de schatkist 22.966 UGX per gedetineerde per dag. In december 2022 telden de Oegandese gevangenissen 74.414 gedetineerden, waarvan 35.743 mensen in voorlopige hechtenis. Dit brengt de jaarlijkse kosten voor het onderhoud van gedetineerden op 1.708.991.924 UGX, waarvan 820.873.738, meer dan de helft dagelijks naar mensen in voorlopige hechtenis gaat.

In december 2021 publiceerde de opperrechter voorgestelde richtlijnen voor borgtocht. Deze richtlijnen waren bedoeld om de bestaande wettelijke bepalingen over borgtocht aan te vullen en te zorgen voor meer uniformiteit en samenhang bij de rechtbanken bij de beoordeling van aanvragen voor borgtocht. Een van de doelstellingen van de voorgestelde richtlijnen was het aanpakken van misbruiken bij het gebruik van voorlopige hechtenis en de daaruit voortvloeiende overbevolking in de gevangenissen.

In februari 2022 dienden ASF en haar partners een memorandum in bij het Judiciary Rules Committee waarin ze enkele van de belangrijkste problemen belichtten die de behandeling van gedetineerden in voorlopige hechtenis belemmeren en negatief beïnvloeden. Sommige belangrijke aanbevelingen werden niet in overweging genomen. Bijvoorbeeld de aanbeveling over de verplichte vrijlating op borgtocht van overtreders die al 60 of 180 dagen zonder proces in hechtenis zitten voor respectievelijk kleine en grote overtredingen.

De Constitutional (Bail Guidelines for Courts of judicature) (Practice) Directions, 2022 werden echter goedgekeurd en in voege gebracht door de opperrechter op 27 juli 2022. Sommige bepalingen van de richtlijnen hebben sindsdien de grondwettelijke bepaling over borgtocht gewijzigd, o‧a. bepalingen die voorzien in verplichte borgtocht voor zware vergrijpen. Voorheen hadden de hoofdmagistraten de bevoegdheid om verplichte borgtocht toe te kennen voor zware vergrijpen voordat de zaak werd doorverwezen naar het Hooggerechtshof. Met de inwerkingtreding van de richtlijnen voor borgtocht is de bevoegdheid om verplichte borgtocht toe te kennen voor zware vergrijpen nu beperkt tot het Hooggerechtshof. Dit heeft de toegang tot justitie verder belemmerd voor gedetineerden in voorhechtenis, vooral voor degenen die aangeklaagd zijn voor zware vergrijpen. De laatste tijd is de vrijlating bij zware vergrijpen op verplichte borgtocht nogal op de proef gesteld, omdat degenen die erin slagen het Hooggerechtshof om vrijlating op verplichte borgtocht te verzoeken, worden doorverwezen voor berechting voordat hun dossiers door het Hooggerechtshof worden opgevraagd. In gebieden waar geen Hooggerechtshof is, hebben gedetineerden de hoop verloren en nemen ze hun toevlucht tot een schuldbekentenis als alternatief. In sommige gevangenissen is de congestie verergerd door een toename van het aantal gedetineerden in voorlopige hechtenis.

In Oeganda voert ASF in samenwerking met het Legal Aid Service Providers Network (LASPNET) een driejarig project uit met als titel ‘Bescherming van procedurele en grondwettelijke rechten door toegang tot justitie, gefinancierd door de Oostenrijkse Ontwikkelingssamenwerking (ADC).

In het kader van dit project heeft ASF juridische assistenten en advocaten ingezet om schendingen van procedurele en grondwettelijke rechten op te volgen en rechtsbijstand te verlenen in acht districten in Oeganda. Sinds de start van het project werden meer dan 4.000 gevallen van schending van het recht op voorlopige hechtenis geregistreerd, waarvan 2.047 in gevangenissen. Meer dan twee derde van de gedetineerden in de gevangenissen zouden de verplichte borgtochtperiode overschreden hebben, wat een schending is van hun recht op borgtocht en een voortdurende schending van procedurele rechten. ASF voerde ook een basisstudie uit over het socio-economische profiel van de gedetineerden en de redenen voor hun opsluiting. Een van de belangrijkste bevindingen van de studie was dat 30% van de gedetineerden niet op de hoogte was van het recht om borgtocht aan te vragen en dus langer in voorlopige hechtenis had gezeten.

In een poging om de inspanningen ten voordele van de rechten van gedetineerden in voorlopige hechtenis voort te zetten, heeft ASF, in samenwerking met Ssekaana Associated Advocates and Consultants en een individuele indiener, Stephen Kalali, een verzoekschrift ingediend bij het Grondwettelijk Hof om enkele bepalingen van de Bail Guidelines aan te vechten. We hopen dat dit meer licht zal werpen op de anomalieën in de wet en de praktijken van de borgtocht.